GROOTS AFBRAAKSCHAAK

In Linares 2004 begonnen de spelers in een stelling vol mogelijkheden en met gelijke kansen, speelden vijftien zetten theorie en zes eigen zetten, en gaven dan remise omdat hun stelling vol mogelijkheden gelijke kansen bood. Drieëndertig van de tweeënveertig partijen werden remise; Kramnik won het toernooi met twee winstpartijen en tien remises van gemiddeld 24,8 zetten.
    Genoeg grootse remises in de schaakgeschiedenis, maar korte remises zonder strijd zijn een gruwel. Wat waren we in de herfst en winter van 1984/85 teleurgesteld als er op Teletekst na twintig bloedeloze zetten tussen Karpov en Kasparov wr dat gehate woord REMISE verscheen. Van de 10e tot en met de 46e partij vielen er in hun match vijfendertig remises, in series van zeventien, vier en veertien, slechts onderbroken door twee besliste partijen. Maar hoe tergend ook, die remises waren een grootse prestatie van Kasparov.
    De 21-jarige Kasparov was in zijn eerste match om de wereldtitel veel te voortvarend van start gegaan. Het ging om zes gewonnen partijen; na zeven partijen stond hij met 3-0 achter. Daarna besloot hij puur op overleven te spelen, tegen zijn stijl en karakter in, maar: 'als je je aan een vlot vastklampt ga je geen mooie zwemslagen uitproberen.' Hij verloor ook de negende partij: 4-0. Maar vervolgens wist hij met dat afbraakschaak zeventien remises lang Karpov te weerstaan, en de haat van het publiek en zijn eigen walging te verdragen. Een record - 'niet mijn record waar ik het meest trots op ben, maar wel het moeilijkste.' Dat hij op die jeugdige leeftijd niet brak onder die druk was een wonder. Toen verloor hij de 27ste partij: 5-0 voor Karpov; een continu matchpoint tegen. En foutje, en hij zou met 6-0 vernederd zijn als nooit een wereldkampioenskandidaat vr hem. Hij wist dat zijn verdere carrière, zijn hele geestelijke gezondheid gevaar liepen, maar tegelijk besefte hij dat die 5-0 ook een voordeel was. Al eerder had Karpov de fout begaan niet aan vallen - als hij wat risico had genomen, had hij met 6-2 of 6-3 gewonnen. Maar nu wilde hij natuurlijk die 6-0. 'Hij wachtte op een fout van mij, dat was zijn fout.'
    Met dat zwaard van Damocles boven zijn hoofd kwam er een bevrijd gevoel over Kasparov; hij kon ontspannen en opgewekt schaken. En langzaam keerden de kansen. Hij won de 32ste partij, maar stond nog steeds 5-1 achter toen de 41ste werd gespeeld.

Karpov - Kasparov, 41ste partij, Moskou 1985
1.e4 e5 2.Pf3 Pf6 3.Pxe5 d6 4.Pf3 Pxe4 5.d4 d5 6.Ld3 Le7 7.O-O Pc6 8.c4 Pb4 9.Le2 dxc4 10.Lxc4 O-O 11.Pc3 Pd6 12.Lb3 Lf6 13.h3 Lf5 14.Le3 Te8 15. a3 Pd3 Gewaagd - Pc6 was goed. 16.Tb1 c5 17.dxc5 Pe4 18.Lc2 Pxb2 19.Dxd8 Taxd8 20.Txb2 Lxc3 21.Txb7 Pxc5 22.Lxc5 Lxc2 23.Txa7 Ld1 24.Te7 Txe7 25.Lxe7 Td3 26.Pg5 Lb2 27.Lb4 h6 28.Pe4 f5 29.Pc5 Td5 30.Te1 f4 31.a4 Td4 32.a5 Txb4 (zie diagram) Een beslissend moment in de schaakgeschiedenis. Karpov pakte met 33.Txd1 meteen zijn stuk terug, maar de tussenzet 33.a6! had zijn vrijpion beslissende kracht gegeven, bijvoorbeeld na 33...Tb5 34.Txd1 Txc5 35.Td8+ Kf7 36.a7 Het best is nog 33...Tb8 34.Txd1 Ta8 35.Td3 maar ook dan wint de vrijpion. In de partij ging die na 33...Ld4 34.Pe6 La7 35.Td7 Tb1+ 36.Kh2 Lxf2 37.Pxf4 Ta1 38.Pe6 Txa5 verloren, en na 39.Txg7+ wist Zwart bij de 71e zet remise te maken.
    Na 6-1 zou er van Kasparov lang niets vernomen zijn - nu kreeg hij overwicht. In de 46ste partij miste hij een goede winstkans; de 47ste en 48ste won hij. Maar toen, op 5-3, werd de match wegens 'uitputting der spelers' gestaakt. Een nieuwe match, later in 1985, won Kasparov - hij bleef vijftien jaar wereldkampioen.

© Tim Krabbé, 2004


Index AD Magazine schaakrubrieken
Bovenkant pagina | Hoofdpagina schaken | Hoofdpagina algemene site