FILIAALHOUDER ONTSNAPT

Een paar tactische aardigheden die ik de laatste tijd tegenkwam. Allereerst een partij van Euwe toen hij 11 of 12 was.

Reeders (simultaan) - Euwe, Amsterdam 1913
1.e4 e6 2.d4 d5 3.Pc3 Pf6 4.e5 Pfd7 5.Dg4 h5 6.Dd1 c5 7.Pf3 cxd4 8.Dxd4 Lc5 9.Df4 Db6 10.Pa4 Db4+ 11.Dxb4 Lxb4+ 12.Ld2 Lxd2+ 13.Kxd2 O-O 14.Ld3 Pc6 15.Tae1 f6 16.exf6 Pxf6 17.h3 Pb4 18.a3 Pxd3 19.Kxd3 Pe4 20.Thf1 b6 21.Ke3 La6 22.Tg1 Tac8 23.Tc1 b5 24.Pc3 Pxc3 25.bxc3 Txc3+ 26.Kd4 Txa3 27.Ke5 Lc8 28.Pd4 a6 29.f4 Te3+ 30.Kd6 Txf4 31.Pc6 Lb7 32.Pe7+ Kh7 33.g4 Txh3 34.g5 Te3 35.g6+ Kh8 (Zie diagram.)
    Hier zou Wit hebben opgegeven. Vreemd, want dat had hij eerder moeten doen, en net nu hij het doet staat hij gewonnen; na 36.Tcf1 gaat Zwart snel mat, bijvoorbeeld T3f3 37.Th1 enz. Wat is daar aan de hand geweest? Misschien is de uitslag verkeerd, en heeft Zwart opgegeven, maar in zo'n geval kijk je toch nog even of Wit de winnende zet vindt. Ook vreemd dat een aanstaande wereldkampioen niet even met 34...g6 alle gevaren zou hebben bezworen.

Een probleem-achtig moment uit de partij Van der Wiel - Appel, gespeeld in Essen 2001, een klein Duits toernooi.
    Wit is schaakprof, Zwart filiaalhouder ener supermarkt. Van der Wiel speelde 31.Txc6 en verloor na Txc6 32.d5 Tc2 33.Ld4 Dxd5 34.Te4 Td8 35.Pxb6 Dxd4+ 36.Txd4 Txd4 enz. Hij had prachtig kunnen winnen met 31.f4! Er dreigt dan Dxh7+ en mat, en Lxc3 gaat niet wegens 32.Df8 mat. Zwart kan het mat alleen voorkomen door de zojuist geopende derde rij weer sluiten met Lf3, of door Lg2 te spelen. Dan volgt echter de afscherming 32.Tc5! (Lxc5 33.dxc5) en Df8 mat is alleen af te wenden door een paardzet, die echter weer een ander mat toelaat. Waarom speelt Wit dan eigenlijk niet meteen 31.Tc5? Dan kan Lxd7; die loper moest eerst met f4 worden weggelokt.

Tenslotte een stelling uit de altijd interessante rubriek van Tony Miles in The Chess Cafe.
    Wit, evenals Zwart een niet met naam genoemde Engelse clubspeler, had de grappige combinatie 1.Dd8+ Kh7 2.Le4+ Pxe4 3.Td7 en heel verrassend is de zwarte dame gevangen. Zwart speelde 3...Td3, maar kon na 4.Txd3 de partij niet redden. Toch was er beter. Miles' eerste idee was 3...Pg3, om na 4.Txa7 Tc1+ 5.Kh2 Pf1+ enz. eeuwig schaak te geven, of na 4.fxg3 Dxe3+ zelfs te winnen. Wit doet dan echter 4.h4! en wint. Toen zag Miles 3...Tc1+ 4.Kh2 Th1+! 5.Kxh1 Pxf2+ 6.Kh2 Dxe3, en Zwart heeft genoeg tegenkansen.
    In een latere aflevering moest hij daar op terugkomen; in die laatste variant hadden lezers een winst voor Wit gevonden: 7.Dc7 De1 8.Txf7 Dh1+ 9.Kg3 Pe4+ 10.Kf4 Pf6 (10...Dxg2 11.Db7 en Zwart verliest zijn paard) 11.Txg7+ Kh8 12.Ke5 Db1! 13.Kxe6 Pe8 14.Tg8+ Kxg8 15.Df7+ Kh8 16.Dxe8+ Kh7 17.Df7+ Kh8 18.Df8+ Kh7 19.Df5+ en Wit wint.
    Daarom ging Miles terug naar zijn eerdere idee, maar nu in andere vorm. Inplaats van 3...Pg3 deed hij eerst 3...Tc1+! 4.Kh2 en nu Pd2! Ook dan dreigt het remisemechanisme. Op 5.g4 redt Zwart zich dan met 5...Pf1+ 6.Kg2 Pxe3+ en Zwart staat zelfs beter (7.Kf3 Td1!), en na 5.h4 heeft Zwart de schitterende zet 5...Td1!, een mogelijkheid die met het paard op g3 zou ontbreken, want dan speelt Wit gewoon Txd1. Nu faalt 6.Kh3 op Pe4! 7.Txd1 Pxf2+, en dus is het weer remise na 6.Txa7 Pf1+ 7.Kg1 Pd2+ enz.

© Tim Krabbé, 2001


Index AD Magazine schaakrubrieken
Bovenkant pagina | Hoofdpagina schaken | Hoofdpagina algemene site